online presentatie
voor de tussenbeoordeling van maart 2021
Alle afbeeldingen zijn aanklikbaar. Gebruik de terugknop van je browser om terug te gaan.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
Een moment …
De afbeeldingen worden geladen.
__________________________________
naar boven
Hans Wentzel 4e jr
‘Horizon’
Jaarthema eclecticisme
Definitie: Het streven om verschillende denkvormen, werkwijzen, stijlen of motieven te versmelten tot iets nieuws. Van Dale
Kenmerk voor mijn eclectisch denken is de horizon verleggen. Kijken naar anderen, andere culturen, maar ook naar andere materialen en werkwijzen en al deze zaken absorberen en doorvoeren, in- en toepassen in mijn eigen werk.
Tijdens het lesblok van Pieter ben ik vanuit verschillende invalshoeken gaan zoeken en heb ik kleinere werkstukken gemaakt met bovenstaande in het achterhoofd (thema’s als Zwarte Madonna, Fotografie, mijn Amulet en mijn Basquiat). Tijdens de lessen van Marleen heb ik weer mijn uitgangspunt waarmee ik deze academie ben binnengekomen opgepakt. Namelijk: mijn horizon verleggen. Het onderwerp van de lessen, de onbekende reiziger, dat ben ik zelf! Dit heeft geresulteerd in tekenwerk dat voor mij een nieuwe weg was qua aanpak, materiaal, werkwijze. Vier tekeningen met de horizon, en met name het verleggen ervan als onderwerp, met als uitkomst dat de horizon geen grens is maar een uitnodiging, een uitdaging zelfs. Verder kijken. Eclectisch.
Mark Rietmeijer: ‘Het eclectische in de kunsten lijkt als bron van scheppingsdrift manifester dan ooit! Hoe uit al bestaande kunst nieuwe kunst te scheppen is het ultieme en inmiddels volstrekt geaccepteerde doel van het eclecticisme’.
Hans Wentzel
__________________________________
naar boven
Jacqueline Halin 2e jr
Vier werken geïnspireerd op eclecticisme
Jacqueline Halin
Toelichting bij de werkstukken
Thema/opdracht 1: kleur, vanuit donkere kunst en eclecticisme
Titel: ‘Masai’ (stam in Afrika)
Materialen: stukje boomtak, rode verf, en verschillende kleuren kraaltjes
Toelichting: Masai dragen vaak rode doeken en veel kralen. Rood staat voor leven en bloed dat vers wordt gedronken; kralen hebben eigen betekenissen bijv. of een drager getrouwd is; ontwerp wil de ongereptheid eigentijds verbeelden
Presentatie: foto
Thema/opdracht 2: donkere kunst, eclecticisme; kies een element van de tentoonstelling First Nations , Museum Volkenkunde Leiden
Titel: ‘Schoon Water’
Materialen: flessenhalzen van petflessen, koraal, zwart leren draad, elektriciteitsdraad
Toelichting: gekozen voor een sieraad en wel een ketting met activistische oproep voor aandacht voor schoon water
Presentatie: foto
Thema/opdracht 3: iets maken vanuit ‘eclecticisme’
Titel: ‘Heimelijk feestje’
Materialen: potlood, papier, gaas
Toelichting: uitgangspunt is het schilderij van Titiaan, Bacchanaal; geactualiseerd naar nu, de pandemie
Presentatie: foto’s
Thema/opdracht 4: een ritueel bedenken en uitvoeren met eclecticisme in gedachte
Titel: ‘Hoe kom ik tot creëren?’
Materialen: film
Toelichting: verbeelding van mijn proces om tot verbeelding te komen
Presentatie: film
3. Heimelijk feestje - foto 1
3. Heimelijk feestje - foto 2
4. Hoe kom ik tot creëren?
__________________________________
naar boven
Marguerite Nicolai 2e jr
Eclectische werken
Vanwege het jaarthema eclecticisme heb ik deze vier werken gekozen omdat ze elk op een andere manier gebruik maken van bekende werken of universele beelden. Het is onmogelijk om niet beïnvloed te zijn door alles wat wij eerder gezien hebben en daarmee zal elk werk elementen bevatten uit andere werken, eerdere stijlen of andere culturen. Het unieke blijft de intentie en de manier waarop deze elementen uit andere culturen, stijlperioden of geschiedenis opnieuw gebruikt en/of vormgegeven worden. Ik heb gekozen voor deze serie om te laten zien hoe ik werk van andere kunstenaars (Van Gogh), universele beelden (Droom), andere culturen (Masker) en eerder perioden (Rozenwonder) heb geïntegreerd in mijn persoonlijke doelen en ontwikkeling.
1. Kleurstudie naar zelfportret Van Gogh. Het was niet de intentie om het zelfportret na te schilderen met een realistische gelijkenis of dezelfde penseelvoering als Van Gogh. Uiteraard moest er wel een bepaalde herkenning van de afbeelding zijn maar het onderwerp van deze studie was kleur.
2. Droombeeld. In deze afbeelding zijn tijd, ruimte en handelingen onbestemd en geven daarmee ruimte aan eigen associatieve beelden. Vergelijkbaar met hoe ons brein alle beelden die wij ooit hebben waargenomen, hergebruikt voor het samenstellen van onze individuele droombeelden.
3. Leeuwenmasker. In allerlei culturen worden maskers gebruikt om abstracte begrippen of menselijke eigenschappen toe te schrijven aan de drager van het masker. Door het opzetten van het masker wordt de persoonlijke identiteit tijdelijk vervangen door de personificatie van het beeld of de eigenschappen die toegeschreven worden aan het masker. In dit masker staat de leeuw voor de eigenschap Moed.
4. Het Rozenwonder – beeld van Mari Andriessen Het beeld geeft een letterlijke interpretatie weer van een oude legende en toont Elisabeth van Thüringen, die de rozen in haar rok toont aan haar man. Elisabeth is in de 13e eeuw heilig verklaard als verzorgster van zieken. Het beeld is in 2013 geplaatst
Marguerite Nicolai
4. Het Rozenwonder, naar het beeld van Mari Andriessen
1. Kleurstudie naar zelfportret Van Gogh
Processions
Deze werken zijn onderdeel van mijn onderzoek naar invasive species, exoten. Hebben onbezielde objecten herinneringen? Herinnert hout zich de invasie van eikenprocessie rupsen die de boom heeft gedood? Het idee dat objecten bezield kunnen zijn of worden staat centraal in zowel de katholieke hostie als in het animisme. Naast het katholieke magische denken ben ik voor mijn materiaal en de vorm geïnspireerd door de Bansoyni slangen van de Baga, Guinea-Conakry.
Ik heb sporen van andere levens op afval en tweedehands materialen (balken en rolgordijnen) gecreëerd.
Pauline Oosterhoff
__________________________________
naar boven
Pauline Oosterhoff 3e jr
Processions
__________________________________
naar boven
Harry Helmich 3e jr
De werkelijkheid is veranderd ...
In het thema voor dit jaar over eclectische kunst ben ik op zoek gegaan hoe verschillende kunstvormen samen kunnen komen en wat ik er mee kan doen.
Ten eerste heb ik een zelfportret gemaakt in de vorm van een masker. Hiervoor heb ik afval gebruikt, in dit geval karton. In alle culturen zijn er maskers gemaakt op vele verschillende manieren.
Ik heb een zelfportret vermengd met een afbeelding van een masker van het Yaghanvolk dat woonde op Vuurland.
Daarna heb ik een schilderij van Wim Oepts genomen om deze te bewerken en eigen te maken in diverse kunststijlen. Hiervan heb ik een collage gemaakt.
Ik heb het schilderij nog een keer geschilderd, in stroken geknipt en op blikjes geplakt. Hierdoor is het schilderij geen schilderij meer. Je kan de blikjes stapelen en door elkaar zetten. Je kan ermee spelen waarbij de oorspronkelijke voorstelling slechts te raden is. De werkelijkheid is veranderd.
Ik denk dat wij zoveel informatie tot ons krijgen, dat we zoveel zien, dat het bijna onmogelijk wordt om geen eclectische kunst te maken. Er zitten altijd wel verschillende elementen in. Als je in de vrijheid van je geest werkt krijg je vermenging. Alleen als je serieus erop toelegt om in één bepaalde stijl te werken zal het kans van slagen hebben.
Harry Helmich
2. Mijn roots – Acryl, aarde, jute op karton – 218x85 cm
3. Verstrikking – Objecten van klei met metaaldraad
4. Het leven – Metaaldraad
1. Ritme – elektriciteitsdraad en een lichtbron
Titel van deze serie: “Wie ik ben”
Wat mij trof bij het bekijken van niet-westerse kunst, bijvoorbeeld kunst uit Afrika of de Maori’s dat het vaak iets verteld over hun geschiedenis, hun omgeving. Je voelt de verbinding met de voorouders, de familie, de stam waar ze bij horen. Daarnaast de hechte relatie met de natuur, leven en dood.
Kort gezegd de cyclus van het leven en het onderdeel zijn van een groter geheel, het verbonden zijn met de kosmos.
Hierdoor ging ik nadenken over mijn roots. Waar kom ik vandaan, waarmee ben ik verbonden. Waarmee voel ik mij verbonden. Voel ik mij onderdeel van een groter geheel? Ga ik daar ook voor of is mijn eigen weg belangrijker en voel ik mij daardoor soms gebonden.
En leven, wat is dat? Mijn hart klopt dus ik leef. Ik ontwikkel mij maar waarvoor?
Hiermee ben ik aan de slag gegaan. Alle vier de werken komen voort uit bovenstaande vragen.
Mathilde Hijink
__________________________________
naar boven
Mathilde Hijink 2e jr
‘Wie ik ben’
__________________________________
naar boven
Evelien Grosheide 1e jr
’Rock Art’
‘Rock Art’
Van jongs af aan hebben oude rotstekeningen een diepe indruk op mij gemaakt. De afbeeldingen maken zichtbaar dat de vroege mens veel wist van de natuur en daarmee in harmonie leefde. Rotstekenaars verstonden de kunst om dit met minimale middelen weer te geven. De werking tussen ondergrond (reliëf en kleur) en afbeelding is vaak van een ontroerende schoonheid. Vandaar dat deze “rockart” mijn inspiratiebron werd om met het jaarthema, eclecticisme, aan de slag te gaan. Opmerkelijk is dat dit thema tot heel ander soort werk leidde dan ik voorheen maakte. Bijgaande vier schilderijen geven een aardig beeld van het ontwikkelingsproces tot nu toe.
De schilderijen zijn ontstaan als eerbetoon aan bedoelde natuurvolken. Zeker het eerste werk drukt ook een zeker gevoel van nostalgie uit. Na verder experimenteren met kleur en materiaal, verdween de figuratie uit beeld; een steeds abstractere weergave van de rots bleef over.
Vaatdoeken en huishoudhandschoenen bleken bruikbaar materiaal om mee te componeren en werden in de laatste drie schilderijen verwerkt. Vanwege het gebruik van deze materialen vormden achteraf bezien ook de grote meesters een enorme bron van inspiratie. Zo gebruikten Picasso en Braque al wasdoek respectievelijk behang in hun schilderijen (“Stilleven met rieten stoel” en “Fruitschaal en glas”).
Het gebruik van poetsdoeken in de schilderijen kan overigens ook worden gezien als een verkapte dikke vinger naar huishoudelijke taken...
Evelien Grosheide